Archieven voor juli 2011

Dieter, cultuurbeleidscoördinator / diensthoofd vrije tijd bij gemeente Bierbeek – donderdag 23 september 2010

donderdag 28 juli 2011

dieterDonderdag is meestal een hectische dag.

Het college van burgemeester en schepenen vergadert iedere maandag, alle dossier moeten de donderdag ervoor, voor 12u op de bureau van de secretaris liggen. En vanuit de borre zijn dit er nogal wat deze week. We willen volgend jaar een telescopische tribune in onze theaterzaal maar het schepencollege moet nog overtuigt worden van de noodzaak ervan. Verder is ook de polyvalente zaal in de borre dringend aan een opknapbeurt toe. Creatieve ideeën en de wil om er aan te beginnen zijn er al maar niet alleen koken kost geld, ook schilderen en verfraaiingwerken. En zo zijn er dus nog een paar dossiers die ik vandaag heb afgewerkt.

Voor ik aan de dossiervoormiddag ben begonnen ben ik even mijn licht gaan opstreken bij de sportdienst. Daar is gisteren een nieuwe vrijwilliger begonnen vanuit het ECHO-project. Dit is een hertewerkstellingsproject vanuit UPC Sint-Kamillus, zij proberen mensen die het moeilijk hebben met het arbeidsritme, via stages en vrijwilligerswerk naar het reguliere arbeidscircuit te leiden. We hebben nu drie vrijwilligers vanuit ECHO in de borre en we zijn daar zijn tevreden over. Een boeiende samenwerking.

Over Sint-Kamillus gesproken, om 13u hebben we een vergadering gehad met de personeelsverantwoordelijke van Sint-Kamillus. In April volgend jaar gaan we een project doen samen met hen. Het wordt een maand die in het teken van de psychiatrie zal staan. Geen stigmatisering echter maar laten zien wat psychiatrie echt is, niet wat er in de media naar boven komt. Op 1 april opent een dubbeltentoonstelling die de ganse maand april te bezichtigingen zal zijn en eveneens op 1 april hebben we een uitzonderlijke voorstelling: TE GEK! Literair met aansluitend de alom bekende Sint-Kamillus personeelsfuif, die uiteraard open staat voor iedereen. Het wordt een unieke project en een boeiende samenwerking.

Om 16u is er dan overleg met de schepen van personeel. Wij zij druk bezig met een nieuw organigram en een nieuwe personeelsformatie. Een boeiende maar o zo moeilijke opdracht. Waar moet personeel bijkomen? Waar kunnen ze het met minder stellen? Hoe organiseren we welke dienst? Voor de borre alleen al is dat een ingewikkelde zaak, en dan moet het nog passen in het geheel van de gemeente.

Een drukke en boordevolle dag maar, zoals ik het tegen mijn kinderen zeg, morgen heeft papa maar een halve dag!

Stijn, HR-consulent bij het Departement Bestuurszaken – woensdag 13 april 2011

woensdag 27 juli 2011

Dag lezers,

Hebben jullie ook het gevoel dat de tijd vliegt? Niet alleen de dagen, maar ook de weken en maanden razen voorbij. Het jaar is nog maar pas begonnen of we zitten al in april, op kruissnelheid naar de zomermaanden. Dit is voor iedereen ongetwijfeld een leuk vooruitzicht, maar in mijn job dringt de tijd om alle voorbereidingen te treffen voor … JOBSTUDENTEN!

Ja hoor, als student was ik me er nooit van bewust. Ik ging altijd maar ‘aan den band’ werken. Maar ook de Vlaamse overheid zoekt elk jaar jobstudenten. Voor jongeren is dit een ideale manier om eens te kunnen proeven van ‘de overheid’. Er bestaan veel verschillende jobs voor studenten, zowel in Brussel als in alle Vlaamse provincies. Ook binnen Bestuurszaken kunnen we, zoals elk jaar, verschillende keuzes aanbieden voor juli, augustus en soms september: onthaal, archief, administratie, schoonmaak, catering, balie, boekhouding, kinderopvang/monitor, regelgeving, logistiek, enz. Een uitgebreide keuze dus. Veel meer dan ‘in een fabriek’!

Iedereen kan kans maken op vakantiewerk bij de Vlaamse overheid. Je hoeft echt geen ‘papa of mama’ te hebben die hier werkt. Wil je weten hoe? Ik leg het je morgen graag uit!

Wim, interface -en projectmanager, Dienst Onderzoek & Projecten bij Provinciale Hogeschool Limburg – dinsdag 22 februari 2011

dinsdag 26 juli 2011

Jobhunting for (future) professionals

Vandaag was een belangrijke dag in de jaarkalender van de Provinciale Hogeschool Limburg: het was de dag van het jaarlijkse JOB-event dat wij telkens in nauwe samenwerking met VOKA – Kamer van Koophandel Limburg organiseren. Het is inmiddels al de vierde editie.

Het opzet is simpel maar efficiënt: probeer zoveel mogelijk bedrijven en studenten bij mekaar te brengen onder de noemer ‘campus recruitment’. Een eenvoudige techniek van vraag en aanbod, zou je denken. Maar dan vergeten we dat het toch een beetje over een speciale hogeschool gaat. Zo zijn wij een hogeschool met een eigen congrescentrum, logischerwijs ‘PHL Congress’ getiteld. Eenieder kan er terecht om events, workshops, seminaries en conferenties bij te wonen of te organiseren. Zo is PHL Congress in de voorbije jaren gegroeid tot een strak opererende organisatie waar – letterlijk – meer events plaatsvinden dan in een gemiddeld cultuurcentrum. Het gonst er dan ook elke dag van de bedrijvigheid.

Een ander speciaal kenmerk van de PHL is het gegeven dat wij – althans bij mijn weten – onze catering in eigen beheer organiseren. Dit heeft te maken met het gegeven dat de vorige algemeen directeur misschien zal gedacht hebben “wat we zelf doen, doen we beter”, maar wellicht meer met het gegeven dat hij de nabijgelegen hotelschool erg goed kende. Hij wist met andere woorden wie hij in zee moest gaan. Dat resulteerde in een opmerkelijk kwalitatieve catering waar elke dag ongeveer 1000 maaltijden over de toonbank gaan. Een saladbar, een grill, een pastabar, ontbijtmogelijkheden en steeds een heerlijke dagschotel. Bij ons geen verhalen over kartonnen biefstukken. Neen, ‘onze’ keuken heeft zelfs een heuse fanpagina op Facebook getiteld ‘PHL Dagmenu’! Vorige week passeerden er nog 500 kilo mosselen de revue. De reden voor dit huzarenstukje: de laatstejaarsstudenten van de bacheloropleidingen volbrachten hun laatste week op de campus alvorens op stage te vertrekken. De culinaire wensen van de studenten worden met andere woorden erg goed opgevolgd. De personeelsleden hoor je daar natuurlijk allerminst over klagen…

Dit soort faciliteiten maken van een schijnbaar eenvoudig event als een Job-event een speciale aangelegenheid. De bedrijven en organisaties die al meerdere malen deelnamen (na het crisisjaar 2010 toch weer bijna 80 bedrijven en organisaties uit heel Vlaanderen), zijn er natuurlijk van op de hoogte, maar bij de newbees merk je al snel heel wat verbazing. “Mooi gebouw”, “fantastische catering” en “vlekkeloze organisatie” zijn complimenten waar we regelmatig van mogen genieten. PHL Congress en Catering zijn met andere woorden heuse uithangborden voor onze organisatie.

Een laatste uniek gegeven inzake het JOB-Event is dat de studenten van de PHL op die dag in groep de jobbeurs bezoeken, onder begeleiding van de docent waarvan ze normaal gezien les hebben op dat moment. Bedrijven en organisaties krijgen dus de kans om alle studenten te ontmoeten, zodat deze campus recruitment op deze dag niet beperkt blijft tot afstuderende studenten van één opleiding. Een ziekenhuis kan bijvoorbeeld zowel op zoek gaan naar verpleegkundigen en ergotherapeuten als naar mensen voor de IT- of boekhoudkundige afdeling.

Jobpunt Vlaanderen was één van de organisaties die dit jaar deelnamen aan het JOB-Event, dus ik laat hen graag zelf kritisch oordelen: “was het een beetje in orde, jongens?”.

Judith, communicatieverantwoordelijke bij OCMW Roeselare – maandag 30 mei 2011

dinsdag 26 juli 2011

mijmeren op maandagochtend

Maandagochtend, een rustig ritje met de trein (nerveuze de-examens-komen-dichterbij middelbare scholieren niet meegerekend, ik voel met hen mee). Ik zit wat te mijmeren over de maandag van vorige week en hoe compleet anders die er uit zag. Op dinsdag 24 mei werd de gloednieuwe huisstijl en de nieuwe website van het OCMW Roeselare gelanceerd. Maandag 23 mei beloofde dus een hectische dag te worden, vol voorbereidingen en het verzinnen van noodoplossingen. Uiteraard! Onze drukker liet het afweten en ondanks een goede voorbereiding waren we hier en daar toch nog iets kleins vergeten. Moe van een onrustige nacht en een weekend vol “huisstijl”, zag ik zowat alle uithoeken van ons gebouw om de laatste puntjes op de “i” te zetten. Wijselijk liet ik het beantwoorden van mijn telefoon over aan mijn stagiaire, zodat ik ook nog eens rustig onze website kon doornemen om taalkundige blunders te vermijden. Vandaag is de drukte van toen even verleden tijd en geniet ik van mijn dagelijks wandelingetje van het station naar mijn bureau. De vogeltjes fluiten en de zon schijnt, het wordt een leuke dag.

Als ik door het raam van mijn bureau kijk, zie ik de in Roeselare welgekende “pilaar” van het OCMW gebouw. Op de pilaar, niet meer de traditionele bollen, maar ons nagelnieuwe logo. Ik kan er niks aan doen, maar eigenlijk voel ik me wel een beetje trots. Het proces vanaf ontwikkeling tot lancering duurde een goed half jaar. Gedurende deze periode deden we ons uiterste best het nieuwe gezicht van de organisatie verborgen te houden en nieuwsgierige collega’s op een afstand te houden. “Een toonbeeld van een goede samenwerking”, zo beschreef onze secretaris ons harde werk van de voorbije maanden. En weet je,….. volgens mij heeft hij gelijk. Ik stond er de afgelopen periode zeker niet alleen voor. In tegendeel! Een groep personeelsleden vanuit alle hoeken van de organisatie heeft zich achter het project gezet en samen zijn we er in geslaagd een mooi resultaat neer te zetten.

“Het oog van de storm”, zo noemde een collega vanuit ICT de rust van de voorbije dagen. “Je weet wel, in het oog van een storm is het altijd rustig, maar dan moet de rest nog komen overwaaien”. Al bij al blijkt dit tweede deel van de storm nog goed mee te vallen. We kregen al heel wat positieve reacties uit verschillende hoeken en zoiets doet altijd deugd. Hier en daar komen wel wat vragen, of worden een aantal foutjes ontdekt, maar niets wat we met gezond verstand en een extra inspanning niet kunnen oplossen. Wie weet wat de volgende dagen zullen brengen….

Christophe, medewerker selectie bij Jobpunt Vlaanderen – vrijdag 25 maart 2011

dinsdag 26 juli 2011

Het is alweer vrijdag! De weken gaan snel tegenwoordig! Deze vrijdag is dan nog eens dubbel speciaal want niet alleen staat er weer een weekend voor de deur. Het is dan ook nog eens mijn allerlaatste blogbericht. *snif snif*

Daar waar ik maandag nog een beetje ‘dubbel’ stond ten opzichte van bloggen, is mijn kar bij deze toch al een beetje gekeerd. Maar mogelijke blogfans zal ik toch van een kale reis moeten terugsturen: een privéblog komt er niet. Spits je ogen (normaal zijn dat je oren, maar dat is nogal nutteloos bij een internetblog) dus maar, want dit worden mijn laatste bloglettertjes.

Voor elke weldenkende mens is vrijdag toch iets speciaal. Na 4 dagen hard labeur, durft de sfeer op de werkvloer al eens wat losser zijn. Er wordt reikhalzend uitgekeken naar het weekend en deze vrijdag werd er, zij het achter glas, toch al redelijk genoten van een serieus lentezonnetje.

De typische vrijdag ziet er als volgt uit: de week overlopen, de online advertenties publiceren (waarvoor we doorgaans heel hard kunnen rekenen op Silke, de “webvirtuoos des Jobpunt Vlaanderens”), de kostenoverzichten maken van de publicaties van afgelopen week en uiteraard ook het werk, dat tijdens de drukke advertentiedagen was blijven liggen, afwerken.

En zo werd ook afgelopen vrijdag opgevuld, onderbroken door een middagpauze onder een aangename lentezon. Er zijn ergere dingen!

De namiddag werd verder opgevuld met bovenstaande taken en rond 17.20u begon ook voor mij het weekend.

Ine, beleidsmedewerker, team duurzame ontwikkeling bij het Departement Diensten voor het Algemeen Regeringsbeleid – donderdag 27 januari 2011

dinsdag 26 juli 2011

nooit saai

Ik kan niet zeggen dat mijn job alle dagen zenuwslopend is, maar saai wordt het toch ook nooit! Dat zie ik als een absoluut voordeel. Duurzame ontwikkeling is zo breed en allesomvattend en ingewikkeld dat ik alle dagen bijleer. Geen routine, nooit uitgekeken. Ik kan gerust zeggen dat ik nu de boeiendste job heb die ik ooit heb gedaan en de boeiendste job in vergelijking met de meeste mensen die ik ken. Ok, tot zover de lofzang. Anderzijds moet ik vaak vergaderen met mensen die inhoudelijk zeer goed onderlegd zijn in hun job en moet ik met blozende wangen toegeven dat ik nog nooit gehoord heb van dit of gene instrument of strategie.

Vandaag is weer zo’n dagje. Van de ene vergadering naar de andere met mensen die meer ervaring/ kennis hebben in een onderdeel van mijn job. Ik start de dag met een ‘onderhandeling’ over de taakverdeling tussen beleidsdomeinen voor de voorbereiding van de wereldtop duurzame ontwikkeling (Rio+20) in 2012. Het gaat er soms hevig aan toe, maar ik ben gelukkig gezegend met een goed onderlegd teamhoofd en diplomatisch afdelingshoofd. Ik ben er van overtuigd dat dit verhaal nog een staartje krijgt… nooit saai!

Dan moet ik hollen voor de volgende vergadering. Het is een eerste verkennend gesprek met de indieners van een subsidiedossier, samen met enkele collega’s van de Vlaamse overheid en een extern expert, met de bedoeling een maximale meerwaarde te behalen met de uitkomst van project, een Vlaams Charter Duurzaam Ondernemen. Zij stellen hun project voor, er is een boeiende uitwisseling en iedereen gaat iets slimmer naar huis. Er zijn wel nog enkele ‘kinken’ in de kabel, die zullen moeten worden platgestreken.

Dan mag ik terug hollen naar de laatste vergadering van vandaag: teamoverleg over de taakverdeling voor 2011. Ik kom goed voorbereid, heb mijn huidige taken met percentages uitgeschreven, inclusief de taken die ik eens een jaartje zou willen overslaan en taken die ik er wel bij wil nemen. Verrassend genoeg geen grote verrassingen, behalve het feit dat tijdens de variapunten blijkt dat maar liefst de helft van ons team een kindje verwacht deze zomer!! Dat wordt dan ook prompt gevierd. Gelukkig zijn we ook in blijde verwachting van een nieuwe collega, die de totale takenlast verlicht. Het is voor het eerst in jaren dat mijn takenpakket geen serieuze herschikking ondergaat, maar ik ben er van overtuigd: saai wordt het toch nooit!

Nicole, regioverpleegkundige bij Kind en Gezin, regio Merchtem – woensdag 24 november 2010

woensdag 20 juli 2011

De Donder NicoleMijn dag begint met het overlopen van mijn e-mails: lezen, verwijderen en verplaatsen. Ik ben daar toch zo’n uurtje zoet mee.

Ik lees het regiorapport. Elke dag wordt dit vanuit de Kind en Gezin-Lijn naar ons gestuurd. Alle binnengekomen telefoons van onze regio staan hierin geregistreerd.

Ik bekijk de statuslijst. Dit is de lijst waar alle geboorten van onze regio op verschijnen. Ik spreek een kennismakingsbezoek af met de mama van een nieuwgeborene.

Het is inmiddels 10 uur; tijd dus voor de huisbezoeken.

Het adres voor het eerste bezoek leidt mij ergens te velde! Er staat een verbodsbord in het begin van de straat maar ik negeer het, zoniet raak ik nooit aan het juiste huisnummer. Onderweg parkeer ik mij en stap langs een veldweg (met mijn nieuwe laarsjes L) naar een klein huisje. Er is geen bel. Ik klop op de deur en hoor de honden blaffen. Mama doet open en laat me vriendelijk binnen. De grote hond zit achter een klein hekje. Hij springt hoog. Ik vraag of hij gevaarlijk is. “Misschien wel”, zegt de mama, “want hij is erg jaloers.” Daarom zet ik hem weg”. Ik vraag of hij daar niet over kan springen en zij antwoordt dat ze denkt van niet.

Thibo is geboren in een Brussels ziekenhuis. Mama kreeg daar een Franstalig gezondheidsboekje. Ik vul een nieuw gezondheidsboekje in van Kind en Gezin. Daarin steek ik een folder van ons consultatiebureau. Ik geef alle nodige informatie over onze werking en wat ze van ons mag en kan verwachten. Mama doet erg haar best om alles te begrijpen en Nederlands te spreken. Al ligt deze materie soms gevoelig, ik ervaar het nooit als een probleem tijdens mijn dienstverlening.

Mama vertelt over haar zwangerschap en bevalling. Ze geeft borstvoeding. Thibo drinkt zeer vaak. Volgens mama is haar melk als water. Ze gaf al eens een flesje maar daar had hij krampen van. Ik geef haar de nodige informatie omtrent de samenstelling van moedermelk en het aanleggen van de baby. Ik overloop met haar onze folder over borstvoeding. Ik spreek met haar over een zelfstandige vroedvrouw die haar hierin kan ondersteunen. Mama kleedt Thibo uit. Ik observeer hem, geef praktische informatie omtrent verzorging en houdingen, wijs op het belang van ondersteuning van het hoofdje en weeg hem. De mama legt Thibo terug in zijn bedje en ‘veilig slapen’ komt aan bod. Ze vraagt informatie omtrent de wiegendoodtest. Mama biedt mij een kop koffie aan. Ik maak administratief alles in orde en geef haar een afspraak voor de gehoortest. Deze gratis test wordt aan alle kindjes aangeboden en afgenomen wanneer ze tussen twee en zes weken oud zijn.

Het tweede huisbezoek is bij Margo van zes weken. Margo is een wolk van een baby maar toch is mama erg bezorgd. Als Margo huilt denkt ze meteen het ergste. Ze voelt zich heel onzeker. Ze kijkt uit naar de tijd dat Margo ouder is. Door met haar te praten, probeer ik haar te laten genieten van dit moment. Het gaat hier vooral om het geruststellen en bevestigen van de mama. Ze heeft veel nood aan informatie. Ze wil precies weten wat een baby op zes weken ‘moet’ kunnen en hoe ze haar het best kan stimuleren. De vaccinaties komen ook aan bod tijdens dit huisbezoek. Ik geef haar alle nodige informatie die ze op dit moment nodig heeft. Een uurtje later wuift ze me uit met de woorden dat ze zich weer veel ‘geruster’ voelt.

Het derde en meteen ook laatste huisbezoek voor vandaag is bij Lars. Lars is vijf weken. Mama moet begin februari gaan werken en bij het vorige bezoek noteerde ik dat de grootouders voor Lars zouden zorgen. Door omstandigheden kan dit niet meer. Mama zit hier erg over in. Ik luister en help haar door enkele opvangplaatsen door te geven waarvan ik weet dat er plaats is. Mama is me erg dankbaar.

Zo zie je maar, achter elke deur, een ander verhaal.

Gerrit en Daniel, gemeenschapswachten bij stad Leuven – dinsdag 26 april 2011

woensdag 20 juli 2011

Even ons voorstellen , wij zijn Daniel en Gerrit gemeenschapswachten in Leuven. Ik Gerrit werk in Leuven centrum , Daniel werkt in Kessel-Lo. Deze week gaan wij onze belevenissen aan jullie vertellen.

Wat doen wij zoal behalve zomaar wat rondlopen zoals vele mensen van ons denken. Eerst en vooral laten wij de kinderen over aan de drukste scholen in de stad en de deelgemeenten. Daarna gaan wij naar onze vaste rondes waar wij alle mankementen opschrijven en doorgeven aan de bevoegde stadsdiensten. Daniel en ik doen ook aan wijkwerking als ondersteuning van de buurtwerkers. Als wij alles moeten opsommen wat wij doen dan komen we met tien bladzijden niet toe.

Daniel heeft vandaag flyers gaan rond dragen van 30 CC ,  2000 stuks in totaal. Ik ben pas om 10:30 uur begonnen en heb zichtbaarheid in het centrum. Zoals je kan zien werken wij in ploegen , vroege , dag en late.

Hopelijk maken we deze week iets spannend mee dat we dit kunnen delen met de lezers van deze blog.

We komen zeker plezante dingen tegen maar ook schrijnende situaties omdat we met alle lagen van de bevolking in contact komen door middel van onze wijkwerking. Niet alles dat wij doorgeven wordt direct opgelost maar als er iets gemaakt wordt zijn wij daar blij mee en de burgers ook.

Vanaf morgen volgen onze avonturen in prime time.

Groeten Gerrit en Daniel.

Karen, coördinator sociale dienst/De Wegwijzer – OCMW Opwijk – maandag 7 februari 2011

woensdag 20 juli 2011

Goede dag allemaal!

Ik ben Karen Lauwers en werk sinds 6 september 2010 in het sociaal huis van Opwijk, beter gekend als ‘De Wegwijzer’. We zijn in de eerste instantie een plaats, waar u als burger uw vraag kan stellen over sociale dienstverlening. Het aanbod van de verschillende diensten van gemeente, OCMW en andere publieke of private actoren in Opwijk is zo talrijk, dat het moeilijk wordt om de juiste dienst te vinden. Wie doet wat? In De Wegwijzer zoeken we samen met u naar het antwoord.

Uiteraard zit ik niet alleen in De Wegwijzer. Eerst en vooral is er Marleen, de medewerkster van het onthaal. Zij verwelkomt u en gaat na wat uw vragen zijn. Afhankelijk van uw vraag wordt u meteen verder geholpen of doorverwezen. In ons huis zitten nog allerhande medewerkers met een verschillende professionaliteit die u de nodige informatie meegeven. Ikzelf werk op de sociale dienst van De Wegwijzer en ben tegelijk ook de coördinator.

Vandaag kwam o.a. een asielzoeker tot in De Wegwijzer, met vragen over onderdak en ondersteuning. Het was een moeilijke karwei om duidelijk te communiceren. Gelukkig had deze persoon iemand meegenomen die zijn taal sprak en die daarbuiten ook Engels kende.

Daarna ben ik naar het woon- en zorgcentrum geweest om twee vrijwilligers te interviewen. De Wegwijzer start binnenkort met een vrijwilligerscentrale en dit willen we in de kijker zetten door een krantje te publiceren. Het is leuk om gemotiveerde en genereuze mensen te ontmoeten. Dan nog een fotootje hier en daar …

Tot slot vertelt mijn diensthoofd dat er verschillende inzendingen zijn voor onze wedstrijd. Op 9 februari komt de stuurgroep opnieuw samen om te beslissen welk logo De Wegwijzer zal nemen. Ik ben enorm benieuwd naar de inzendingen en houd jullie verder op de hoogte.

Wim, interface -en projectmanager, Dienst Onderzoek & Projecten bij Provinciale Hogeschool Limburg – vrijdag 25 februari 2011

vrijdag 15 juli 2011

Jubileum!

Vandaag vier ik een persoonlijk jubileum: vier jaar geleden begon ondergetekende zijn carrière aan de Provinciale Hogeschool Limburg. Na vier jaar voor de provincie Limburg gewerkt te hebben – als eerste échte job na mijn opleiding want die drie maanden televerkoop (“Hallo, met Wim van Sport Voetbal Magazine”) tel ik om ethische redenen niet mee – was het tijd voor een nieuwe uitdaging.

Die uitdaging lag in feite inhoudelijk niet zo ver verwijderd van hetgeen ik voor de provincie deed, maar toch was het een wereld van verschil. I’ll explain.

Bij de provincie was mijn taaktitel “INTERREG-manager”. Het INTERREG-programma voor de Euregio Maas-Rijn is een subsidieprogramma van de Europese Commissie dat grensoverschrijdende samenwerking in de grensregio van Limburg met actoren in Nederlands Limburg, de provincie Luik, de Duitstalige Gemeenschap en de Regio Aken wil stimuleren. Ik functioneerde als loket voor organisaties die projectvoorstellen wilde indienen en, indien het voorstel in het programma kon passen, begeleidde ik hen totdat er een indienbaar project op tafel lag. Mits goedkeuring volgden we ook de vorderingen van alle projecten op. Net zoals ik dat voor Limburg deed, had ik collega’s in elke hoofdstad van de betrokken provincies en was er een hoofdkwartier dat aanvankelijk in Maastricht en later in Eupen gevestigd was.

Je kan je al inbeelden dat ik indertijd mijn kilometers wel zag. Onze teammeetings vonden elke week op een andere locatie plaats en er waren wekelijks wel een resem projectvergaderingen die overal in de Euregio konden plaatsvinden. De projectinhouden waren erg divers van aard: het ene moment ging het over onderzoek en ontwikkeling, dan weer over samenwerking in het hoger onderwijs, het volgende moment over een samenwerking tussen toeristische diensten ter promotie van de Euregio en even later weer over een grensoverschrijdend kunstenfestival.

Een ontzettend boeiende periode in mijn  professioneel leven, moet ik zeggen. Ik maakte deel uit van een erg dynamisch grensoverschrijdend team van toffe mensen en ook op de provincie kon ik het erg goed vinden met iedereen. Ik mocht van binnenuit kennismaken met de mechanieken van de Europese subsidieprogramma’s en leerde de taal van de Europese instellingen – want dat is een taal an sich  - te spreken en te schrijven. Dat bleek erg belangrijk te zijn voor mijn volgende job. Ik switchte immers van de aanbodzijde naar de vraagkant.

In 2006-2007 stonden er grote veranderingen op til in de PHL. De hogescholen waren zich, na de ingrijpende wijzigingen n.a.v. de Europese gelijkschakeling voor bachelors en masters, structureel aan het organiseren om onderzoek en alles wat daarmee te maken heeft een plek te geven binnen de geledingen. Er moesten nieuwe procedures en structuren ontwikkeld worden en in dit kader werd er een nieuwe ondersteunende afdeling opgericht: de Dienst Onderzoek & Projecten (DOP; een ingeving van iemand die het wel leutig zou vinden om te zeggen dat wij “op de DOP zitten”). Gezien het gegeven dat er een grote behoefte aan projecten was waarvoor Vlaanderen ons financieel slechts voor een deel kon voorthelpen, was er binnen de DOP van meet af aan een taak weggelegd voor een persoon die zijn/haar weg kende binnen de Europese subsidieprogramma’s. Iemand die ideeën kon helpen omzetten in projecten, die kon meeschrijven aan daadwerkelijke projectaanvragen in diverse programma’s, die misschien ook voor een deel de personen in de programmastructuren kende en die waar nodig – en mogelijk – het project misschien een cruciaal duwtje in de juiste richting kon geven.

Dat werd dus – op 26 februari 2007 – uw dienaar.

Vier jaar later kan ik, mede dankzij de blog van Jobpunt, een balans opmaken. Het ging hard, moet ik zeggen. In 2007 telden wij ongeveer 15 voltijdse personeelseenheden die in onderzoeksprojecten betrokken waren. In 2010 waren er dat al 55, gespreid over 140 personeelsleden (meestal hebben de mensen ook onderwijstaken dus vrijwel niemand zit voor 100% op onderzoek). De omzet evolueerde evenredig: van ongeveer 1,5 miljoen euro in 2007 naar bijna 3,5 miljoen euro in 2010.

Maar cijfers zeggen niet zoveel. Voor mij blijven dit de belangrijkste vaststellingen: Ten eerste binnen de hogescholen leeft er véél meer dan dat je je zou inbeelden. Zonder dat er een eeuwenlange traditie met veel oude en mooie gebouwen en prachtige titels heeft bestaan, trekken de hogescholen tegenwoordig erg veel creatieve en capabele breinen aan. Ten tweede begrijpen de bedrijven dat toegepast en probleemgericht onderzoek heel snel en heel veel rendement kan opleren. Last but not least: een hogeschool is een grote onderneming maar veel minder log dan een mens zou denken. Dit is uiteraard te danken aan een administratief apparaat dat verandering niet schuwt doch omarmt. Er is immers altijd ruimte voor verbetering.

Bijna vergeten: de balans van vijf dagen bloggen voor Jobpunt Vlaanderen!

Wel, het was een interessante oefening. Zelfs een beetje therapeutisch. Je hoort dezer dagen in de sfeer van web 2.0 wel eens horen dat het een goede zaak is als medewerkers van bedrijven of organisaties bloggen over het werk. Een persoonlijke kijk op de zaken die als het ware een onderdeel wordt van de corporate communication. Wel, ik sluit me daarbij aan. Wie anders dan de mensen op de werkvloer kunnen getuigen over het dagelijkse reilen en zeilen? Erg veel werkgevers huiveren bij dit idee omdat men dan verwacht dat ook de spreekwoordelijke vuile was naar boven zal komen. Maar waarom zou kritiek niet welkom zijn? Als je de mensen een forum geeft, zal er ook een dialoog ontstaan en kan je eventuele problemen sneller en efficiënter aanpakken. En als het goed zit, dan kan het ook eens gezegd worden!

Een voorwaarde voor dat laatste is natuurlijk dat de werknemer in kwestie zich goed in zijn vel moet voelen. Maar, zoals jullie inmiddels kunnen getuigen, zit dat bij deze werknemer van de Provinciale Hogeschool Limburg wel snor.

Jobpunt, bedankt en tot volgend jaar op ons JOB-event!